Als je bij je partner in België komt wonen, moet je partner aantonen dat hij of zij voldoende middelen heeft om alle kosten te betalen. Er wordt niet alleen gekeken naar zijn of haar inkomen, maar ook naar dat van de partner die naar België komt.

Om na te gaan of de persoon "stabiele, regelmatige en toereikende bestaansmiddelen" heeft, kan de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) dus rekening houden met de inkomsten

  • van de Belgische partner; en
  • van de vreemdeling die zich bij zijn of haar Belgische partner voegt.

Dat bepaalde het Grondwettelijk Hof in een arrest van 2 april 2026 (arrest nr. 38/2026). Voor dit arrest hield de DVZ alleen rekening met de inkomsten van de Belgische partner.

Al mogelijk voor Europese en derdelandse echtgenoten

Bij gezinshereniging met een Unieburger of derdelander hield de DVZ al rekening met de bestaansmiddelen van beide partners. Bij gezinshereniging met een Belg deed de DVZ dat niet: ze keek alleen naar de bestaansmiddelen van de Belgische partner die werd vervoegd.

Het Grondwettelijk Hof oordeelde dat er in deze situatie sprake is van discriminatie en dat de DVZ bij gezinshereniging met een Belg dus moet kijken naar de beide inkomens. 

Niet in elke situatie

Het arrest gaat enkel over gezinshereniging met een Belgische partner. Het is nog niet duidelijk of de inhoud van dit arrest ook geldt voor andere gezinsleden die gezinshereniging vragen met een Belg.

Opgelet! Niet bij elke gezinshereniging moeten voldoende bestaansmiddelen worden aangetoond.

Attribution - Pas d'Utilisation Commerciale - Pas de Modification 4.0 International (CC BY-NC-ND 4.0) Click op de afbeelding om meer te weten te komen over Creative commons

Misschien vindt u deze fiches ook interessant